6. mei, 2021

WAT IS IN DE BIJBEL AAN ONS GESCHREVEN?

‘En Hij is gestorven voor allen, opdat zij die leven niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem Die voor hen gestorven is en opgewekt werd. Daarom kennen wíj vanaf nu níemand meer naar het vlees. En ook indien wij Christus gekend hebben naar het vlees, dan kennen wij Hem zo nu niet meer.’ [naar NCV]

Hoe dwaas het ook klinkt, wat hierboven beschreven wordt komt vaak voor, zeker bij het lezen van de Bijbel. Er wordt graag uit het Oude Testament gelezen, bijvoorbeeld uit de Psalmen. Ook de evangeliën worden veel bestudeerd, net als de brieven van de apostelen. Maar aan wie schreven zij? Mogen we daarin alles op onszelf toepassen? Je kan dan al snel in de problemen komen. Bij Paulus lees je dan dat hij die niet werkt, maar gelooft, gerechtvaardigd wordt Rom 4:5. Jakobus legt er juist alle nadruk op, dat geloof je niet kan redden, als je er niet bij werkt Jak 2:14. Spreekt de Bijbel zichzelf tegen? Of wat dacht je van de wet, met al zijn regels over voedsel, bestraffingen als steniging en de priesterdienst. Moeten wij dat ook allemaal houden? Jezus en de apostelen houden hun lezers regelmatig nog de wet voor, maar Paulus zegt dat als we door de geest geleid zijn, we niet meer onder de wet zijn Gal 5:18. Wat is nu waar?

Als we gaan kijken aan wie de boeken en brieven geschreven zijn, dan werpt dit al wat licht op de zaak. Het oude testament gaat over het volk Israël, hun ontstaan en geschiedenis. De wet werd aan het volk gegeven. Juist in de wet werd er scherp onderscheid gemaakt tussen Israël en de andere volken Exo 24:3-8. Als je geen Israëliet was, kon je alleen meedoen aan het verbond en de wet door je als vreemdeling, als proseliet, aan te sluiten bij het volk (bijv. Num 18:26). Ook de profeten spraken tot Israël. Slechts een enkele profetie ging over een ander volk. Het oude testament is dus in principe helemaal gericht aan Israël. Maar wij mogen dat wel lezen om zo Gods karakter te leren kennen.

In de evangeliën zet Jezus deze lijn voort. Hij zegt ook dat Hij alleen is gekomen voor zijn volk, en verbiedt zelfs zijn discipelen naar niet-Joden te gaan Mat 10:5-715:24. De bekende woorden van Jezus, waaronder de Bergrede, zijn dus allemaal opnieuw gericht aan het volk, en niet aan geloven uit andere volken. Ook zijn discipelen gaan op deze weg verder, en gaan in Handelingen blijven alleen de Joden toespreken. Dit blijkt ook uit de brieven van de apostelen; stuk voor stuk adresseren zij hun brief aan de Israëlieten (bijv. 1Pet 1:1 en Jak 1:1).

Paulus daarentegen schrijft juist wel aan allen die niet bij het volk horen. Als hij geroepen wordt, lezen we ook dat het Gods plan was om hem naar de andere volken te sturen. Als hij na een aantal jaar dan bij de apostelen komt, maken ze een soort werkafspraak: Paulus gaat naar de volken, de apostelen naar de Israëlieten. Niet alleen dat, ze hebben ook een ander evangelie: Paulus het evangelie van de onbesnedenen, de niet-Joden, Petrus en de apostelen dat van de besnedenen, de Joden Gal 2:7-9. Hij noemt zich ook de ‘leraar van de natiën’ 1Tim 2:7. Paulus is dus de enige schrijver in de hele Bijbel die zich tot de niet-Joden, tot jou en mij richt!

Dat Paulus en de apostelen niet alleen naar een andere groep gingen, maar ook een andere boodschap hadden, kun je zien aan de verschillen tussen de twee. Al in het Oude Testament werd aan Israël beloofd dat er een koninkrijk zal komen, waarin zij koningen en priesters zouden zijn. Dit koninkrijk wordt hun opnieuw verkondigd door Jezus en de apostelen. Paulus rept met geen woord over deze toekomstverwachting, maar vertelt juist dat we uitkijken naar de komst van Christus in de lucht, als we dan samen met de gelovigen die al gestorven zijn een nieuw lichaam zullen krijgen en weggerukt zullen worden om Hem in de lucht te ontmoeten en voor altijd bij Hem zullen zijn 1Thes 4:13-18. We gaan naar de hemel en blijven niet op aarde om het koninkrijk mee te maken. Hierover lees je meer in het artikel ‘De opname van de gemeente’.

Ook verklaart dit de verschillen tussen de boodschap die Paulus en Jezus en de apostelen brachten en die we eerder bespraken. Als we bedenken dat hun boodschap niet steeds aan dezelfde groep gericht zijn, is het niet zo vreemd dat er soms andere dingen in staan! Alleen wat Paulus heeft geschreven is dus direct aan jou en mij geschreven. Is de rest dan waardeloos? Zeker niet. Paulus schrijft in 2Tim 3:16,17 dat heel de Bijbel door God geïnspireerd is, en nuttig is om van te leren, door terecht gewezen te worden en erdoor te groeien in geloof en de goede werken te kunnen doen die God voor ons klaarlegt. Je kan bijvoorbeeld heel veel leren over hoe God is door de verhalen van het Oude Testament te lezen. Veel Psalmen beschrijven de praktijk van iemand die gelooft, en hebben ook nu nog waarde. Job gaat over de kwestie van het kwaad en is dus ook nog steeds relevant.

Maar je kan dus niet alles zomaar op jezelf toepassen. Je zult steeds moeten kijken aan wie de tekst geadresseerd is en of je wat er staat wel op jezelf mag toepassen. Als hulpmiddeltje zou je voor jezelf steeds bij het lezen van een stukje tekst de volgende vragen kunnen stellen:

  1. Wie zegt het?
  2. Tegen wie wordt het gezegd?
  3. Wanneer werd het gezegd?
  4. Wat wordt er gezegd?
  5. Wat zegt het mij?

En, als je wilt weten of iets ook voor ons geldt, kijk dan eens wat Paulus erover zegt! Maar het belangrijkste is om te bidden en te vragen of God het ons wil duidelijk maken. Zo mogen we Paulus nabidden en vragen om een geest van wijsheid en onthulling om Hem echt te leren kennen Efe 1:17.