1. mrt, 2021

Schepper van duisternis en kwaad

God de HEERE verklaart bij monde van Jesaja in hoofdstuk 45:7 (St.Vert.):

goed en kwaad
Hoezeer Gods eigen verklaring ook verzet oproept bij talloos veel mensen, de statement laat aan duidelijkheid niets te wensen over. Niets gaat buiten God om, ook het kwade niet. Natuurlijk is het kwaad bij de goede GOD geen doel op zich. Het kwaad heeft slechts een decor-functie. Het kwade maakt het goede zichtbaar. Kennis van goed is niet los verkrijgbaar – noem het een package deal. Sinds de mens van de verboden vrucht at, kreeg hij niet slechts kennis van kwaad maar óók kennis van goed – “kennis van goed én kwaad”. Nooit zou de mens Gods liefde en genade hebben leren kennen als daar ook niet de donkere achtergrond van de zonde zou zijn.

duisternis en kwaad
In Jesaja 45:7 worden duisternis en kwaad als vergelijkbare grootheden neergezet. Tot voor kort ontging me daarvan de betekenis maar inmiddels is me veel daarin duidelijk geworden. De vergelijking tussen duisternis en kwaad is veelzeggend omdat we daarin de aard van het kwaad leren verstaan. Want wat is duisternis? Duisternis is geen ding of iets, maar juist het ontbreken van iets. Waar niets is, is het donker. Om het dág te laten worden moet de zon opkomen. Maar om het nácht te laten worden hoeft niets op te komen. Het ontbreken van de zon schept automatisch de nacht. Welnu, hetzelfde geldt voor de creatie van het kwaad. Om kwaad te scheppen hoeft God slechts het goede uit te schakelen. Waar de zon van Gods licht verdwijnt wordt het automatisch donker.

formeren versus scheppen
Het bovenstaande zien we bevestigd in de gebruikte werkwoorden van Jesaja 45:7:
God formeert het licht en Hij maakt de vrede, maar…
Hij schept de duisternis en Hij schept het kwaad.

Het valt op dat bij de creatie van duisternis en kwaad geen sprake is van formeren of maken. Het idee is: duisternis is automatisch daar waar geen licht is. Hetzelfde geldt voor het kwaad: het is automatisch daar waar het goede ontbreekt.

Als God de Schepper van het kwaad, Hij onmogelijk een goede God kan zijn. Men vergeet dan in de eerste plaats dat het God Zelf is die plechtig verklaart de Schepper van licht en duisternis, vrede en kwaad te zijn (Jes.45:7). In de tweede plaats vergeet men dat een goede God het kwaad (pijn, moeite, dood, zonde, etc) wel degelijk kan in plannen en creëren als dit noodzakelijk is voor Zijn goede doel. Een chirurg snijdt ook met een levensgevaarlijk mes en brengt ernstige verwondingen toe aan z’n patiënt. Toch is de patiënt de chirurg daar dankbaar voor (als die ze z’n werk ten minste goed doet… ). Het goede doel heiligt immers zulke kwade middelen.

Feit is dat kennis van het goede niet los van kennis van kwaad verkrijgbaar is. Al vanaf de eerste bladzijden van de Bijbel wordt ons dit duidelijk gemaakt. De boom in de hof heette niet voor niets “de boom van kennis van goed én kwaad” (Gen.2:17). Besef van God goedheid, genade, liefde en kracht heeft een donkere achtergrond nodig om te schitteren. Velen staren zich blind op de duisternis van het kwaad, en hebben niet in de gaten dat ‘de min’ die zich gruwelijk manifesteert in onze wereld (het kwaad) in werkelijkheid ‘een plus’ is die nog niet af is. Uiteraard wil God het kwade op zichzelf niet. Maar het is noodzakelijk voor de realisering van Zijn ultieme doel. Ga er maar gerust van uit dat als het kwaad niet absoluut noodzakelijk zou zijn geweest, dat de goede God het beslist geen plaats had gegeven in Zijn schepping.
Dank en verheerlijk deze God op uw blote knieën dat er voor Hem NOOIT iets is mis gegaan!